Suzanne Biewinga publiceerde vorig jaar een bijzonder boek over ouder worden met als mooie ondertitel: filosofie van het late leven. Suzanne is op latere leeftijd filosofie gaan studeren. Zij raakte geboeid door de manier waarop wij aankijken tegen ouderen en het proces van ouder worden. Het was haar intentie om twee zaken naast elkaar te leggen: enerzijds de ervaringen van ouderen en anderzijds wat filosofische stromingen, zoals epicurisme en stoïcisme, over ouder worden te melden hebben. Daartoe besloot zij de filosofiewerkplaats te organiseren: zij hoopte twaalf oudere mensen te interesseren om drie ochtenden te komen praten over betekenisgeving van ouder worden. Haar oproep in een lokale krant leidde tot haar verbazing tot een overvolle mailbox, waardoor zij een wachtlijst moest aanleggen. Uiteindelijk bleef het niet bij drie ochtenden en twaalf mensen. Na zeven jaar filosofiewerkplaats, met tweeënnegentig groepsgesprekken en vele deelnemers, promoveerde zij op een proefschrift dat ten grondslag ligt aan dit boek. Het resultaat is, zoals zij zelf zegt en waar ik me helemaal ik kan vinden: “… niet een nieuw standaardverhaal over waarheid en betekenis van ouder worden. Het gaat mij erom een ruimte te creëren waarin gesproken kan worden over ouder worden op een manier die waar is. Zonder romantische illusies of eenzijdig doemdenken. Waarin wordt verwoord wat er goed en mooi aan kan zijn, en wat niet”. Een indrukwekkend boek dat stof tot nadenken geeft.